De column van Dries Weber

Achtergrond, Columns, Nieuws, Voetbalnieuws Geen reacties op De column van Dries Weber 305

75 JAAR LID VAN RAVA/HOUTWIJK

Gedwongen door het ritme in de schepping, i.c. de vier seizoenen en het verschijnsel van dag en nacht, heeft de mens gezocht naar een methodiek om één en ander in een structuur te zetten door ze te benoemen in een rekenkundige volgorde. Zo zijn we onder andere aan het begrip “jaar” gekomen waarmee we geschiedenis, leeftijd en nog veel meer in hokjes hebben kunnen vangen.

Zo kon het gebeuren dat op 16 november 1942 een jochie van twaalf jaar zich aanmeldde bij de jeugdleider van RAVA, genaamd meester Lukas en wel meester omdat hij hoofdonderwijzer was van de R.K. lagere school in de Kritzingerstraat.
Daarvoor had het kind een jaar bij ADO rondgelopen in de hoop dat er enig voetbaltalent aanwezig was zoals dat door zijn neef Mauk Weber ruimschoots werd geëtaleerd. De toenmalige oefenmeester van ADO, Wim Tap, had er goed kijk op en adviseerde de vader van het joch hem bij een kleinere vereniging te stallen en verdere ambities te vergeten.

De jongen die we hierna Dries Weber zullen noemen, had het bij die kleine club prima naar zijn zin en ontmoette en maakte daar zijn vrienden. Voetballen deed-ie voor zijn plezier en met het verstrijken der jaren bleek hij ook op andere plaatsen in de vereniging bruikbaar te zijn. Actief op het pluche binnen en buiten de vereniging werd er een interessante carrière opgebouwd dat ook in het privéleven een positieve uitwerking had. Binnen het kader van dit columpje is het niet dienstbaar daar uitgebreid op in te gaan. We beperken ons daarom tot de constatering dat de vereniging ondanks allerlei ontwikkelingen bleef bestaan, waardoor het voor Dries mogelijk was om vijfenzeventig jaar lang op de ledenlijst te blijven kleven.

En daar stond dan op 18 november 2017 een bejaarde man met een bal voor zijn voeten met aan de ene kant een wandelstok en aan de andere kant de arm van de aanvoerder van het eerste elftal om de aftrap van de wedstrijd sv Houtwijk-VCS te verrichten. Het bereik was uiteraard beperkt maar de selectie liet aan de jubilaris zien waarom zij de ranglijst aanvoeren.

Gedurende de dag was ik echt wel het middelpunt van de belangstelling dat in tastbaar materiaal werd omgezet met een kleurig en toepasselijk tableau, een shirt met als rugnummer 75 en een bal met de handtekeningen van de selectiespelers.

De “finishing touch”was een dankbetuiging in de vorm van een pakket met de tekst “merci” dat door de chocola-verslaafde bejaarde uitstekend werd begrepen. De één of andere onderscheiding zat er niet in omdat mijn prijzenkast in de loop der jaren al aardig gevuld is met linten en blik in vele kleuren en maten.

Ik hoop aan dat magische getal van 75 nog een aantal jaren te mogen toevoegen.

IS ER HUMOR IN DE VOETBALSPORT ?

Om de vraag gelijk maar te beantwoorden en de discussie te sluiten…..NEEN. Kom niet aandragen met die onderbroekendrollenlol van een “VOETBAL INSIDE” waarbij Boskamp en Gijp permanent moeten struikelen in de loopgraaf die Oppersacherijn Johan Derksen voor ze graaft.
Sportverslaggeving bestaat vaak bij de gratie van het zure commentaar.

Welke commentator durft hardop te lachen als een speler vanaf de middenlijn zijn keeper verrast met een terugspeelbal. Wie durft te grinniken wanneer een speler stervend ter aarde ploft, gillend zijn leed ventileert om even later zijn laatste ademrestanten aan te wenden om de scheidsrechter op te roepen om de misdadiger toch op zijn minst met een gele kaart te verrassen. Mag er gelachen worden als een doelwachter over een slobberballetje struikelt. Of de matig scorende spits voor de zoveelste keer met een prachtige omhaal de bal mist.

Er is zoveel te lachen, maar waar blijft de gulle lach?

Dries Weber

© Haaglanden Voetbal

Zoeken

Back to Top