Mathijs Benard (HVC’10) : Nooit geschorst ‘pleurisventje’ stopt met voetballen

Interviews, Nieuws Geen reacties op Mathijs Benard (HVC’10) : Nooit geschorst ‘pleurisventje’ stopt met voetballen 1821

Mathijs Benard, de snelle rechteraanvaller van HVC’10 , maakte enkele weken geleden bekend dat hij stopt met voetballen. Hij is pas 28 jaar. Een interview over een voetballoopbaan met pijnlijke hindernissen. Twee dagen na de verloren partij tegen Valken’68 spreken we elkaar.

pol_cees_van_der

Mathijs, met 28 ben je toch veel te jong om al te stoppen?

,,Ja, dat lijkt het op het eerste gezicht natuurlijk wel, maar als je, zoals ik, elke wedstrijd pijn hebt, komt er een moment waarop je zegt, het is wel mooi geweest.”

Waar zit de pijn?

,,In allebei mijn liezen. Niemand is er ooit achter gekomen wat er precies mis is. Een pijnlijke overbelasting, dat weten ze wel. Veel dokters afgelopen, fysio gehad, manueeltherapie, geopereerd, spuit erin en nog is niet duidelijk wat er aan de hand is. Ik kan het niet meer opbrengen om na elke wedstrijd twee dagen pijn te hebben. Ook tijdens de wedstrijd heb ik er last van.”

Waar heb je die blessure opgelopen?

,,Toen ik van Westlandia naar Excelsior Rotterdam ging, ging het vrijwel meteen mis. Ik heb er erg weinig gespeeld. Men vond dat ik maar door de pijn moest heen bijten en me niet moest aanstellen.”

Speelde kunstgras een rol?

,,Niet bij de oorzaak, maar daarna heeft het kunstgras het zeker niet verbeterd. Ik heb nu ook meer last als ik op kunstgras speel. Vaak laat ik me na zeventig minuten vervangen, dan gaat het gewoon niet meer. Zo wil ik niet langer voetballen. Vroeger kon je 25 expressief starten, nu misschien maar vijf keer per helft. Ik ga dan ook niet lager spelen, want dat zou niet echt helpen.”

Hoe is je loopbaan geweest?

,,Als F-spelertje bij Hoekse Boys begonnen, in de B1 naar eerst Westlandia, later naar ADO Den Haag, daarna weer terug naar Westlandia twee jaar, in het eerste gespeeld en toen het profavontuur in Rotterdam meegemaakt, wat eigenlijk een mislukking werd. Ik voelde me er geen seconde thuis, profvoetbal is mijn wereldje niet, maar daar moet je zelf achter komen.”

En de combinatie met studie?

,,Profvoetbal, elke dag trainen en studeren op de Erasmus, dat ging slecht samen. Ik vond er ook niks aan. Maar toen ik bedrijfseconomie op HBO-niveau ging doen, kon het wel samen. Ik kreeg veel ruimte van die school. Toen ik bij Excelsior wegging, terug naar Westlandia, heb ik dat nooit daar verteld. Dat was lekker makkelijk. Ik had geen aanwezigheidsplicht. Ideaal. In drie jaar was ik klaar. Later heb ik toch mijn master gehaald op de Universiteit van Tilburg. Organisatiewetenschappen.”

Je hebt bij mij als vwo-leerling op school gezeten. Ik zie je nu soms spelen zoals je je op school gedroeg.

,,Dat klopt wel een beetje. Ook op halve kracht. Ik deed niet erg mijn best. Was ook een “pleurisventje” voor de docenten. Ik werd er per week wel een keer uitgestuurd. Dan kwam ik bij je en dan gingen we zitten praten over ADO of Westlandia. Nooit straf gekregen. Mooie tijd. Maar toen ik bij Excelsior was, wilde ik echt wel mijn best wel doen. Na die tijd relativeerde ik het allemaal.”

Hoe bedoel je?

,,Het is maar voetbal. Ik speel nu vier jaar op tweede klas niveau met één jaartje eerste klas tussendoor. Lekker belangrijk allemaal. Er zijn veel belangrijkere dingen in het leven. Ik kan straks andere dingen gaan doen. Sommige spelers worden wel eens boos als er wat minder goed over hen wordt geschreven. Dat boeit me helemaal niet. Ik heb ook geen idee hoeveel doelpunten ik gemaakt heb. Nooit een lijstje bijgehouden. Een assist geven is ook mooi. Bij Westlandia kopte Joost van Schie ze er ook gemakkelijk in. Dat vond ik ook prima.”

En plakboeken voor je eventuele voetballende zoon?

(lachend) ,,Nee ook nooit, maar dat heeft mijn vader wel gedaan. Dus ik kan die altijd nog laten lezen. Mijn vader is best trots op me. Komt vaak met mijn moeder kijken, maar die relativeren ook gemakkelijk. Een journalist moet maar schrijven wat hij er zelf van vindt. Ik schreef als student ook voor het AD sportverslagen. Leuke bijverdienste en dan schreef ik bijvoorbeeld over HVC. Ook best kritisch.”

Ik heb je toch wel eens zien etteren in het veld.

,,Soms kom je rare jongens tegen, die van alles met je uithalen om je uit je spel te halen. Dan word ik zelf ook lastig. Kan ik weer dat “pleurisventje” zijn. Ga ik babbelen en zuigen. Komt er wel eens een gele kaart aan te pas, maar je kunt ook opschrijven dat dit ventje nooit één wedstrijd geschorst is geweest.”

Dat is knap, want je hebt wel wat schoppen gekregen.

,,Dat dacht ik wel. Maar soms heb je gewoon leuke gasten. Afgelopen zaterdag speelden we tegen Valken’68. Kom je weer dezelfde jongen tegen, die altijd heel normaal doet, dan praten we tijdens de wedstrijd en drinken na afloop samen een lekker biertje. Dat vind ik leuk aan voetbal. Ik denk trouwens dat Valken’68 kampioen van 2C wordt.”

Wat heb je aan het voetballen overgehouden behalve pijn in je liezen?

,,Vooral veel lol en vriendschappen, eerst bij Westlandia en nu bij HVC’10 natuurlijk. Dat is belangrijk in het leven.”

En dan komt nu het grote zwarte gat?

,,Nee hoor, helemaal niet. Ik ga de pr- doen voor de Businessclub van HVC. Ook ga ik het B1-team trainen en coachen. Van mijn vader krijg ik een golfcursus aangeboden. Kan ik leuk met hem gaan golfen. Maar ook tennissen, zwemmen en hardlopen staan allemaal op mijn to-do-lijstje.”

Nog een afscheidsdroom: de winnende goal in een belangrijke wedstrijd of een hattrick in je laatste?

,,Nee, wat grappig is, dat ik slechts twintig minuten in de Jupiler League heb gespeeld en dat ik toen tegen FC Den Bosch mijn eerste en enige profgoal maakte. Vorig jaar werd ik clubtopscorer met “maar liefst” acht goals, tenminste dat stond op het gouden schoentje. Ook niet al te veel. Nou ik erover nadenk heb ik toch één wens.”

En die is…?

,,Bijna een jaar geleden brak mijn vriend Robin van der Meer in de wedstrijd tegen TAVV zijn been op een verschrikkelijke manier. Ik wilde meteen stoppen met die partij, sommige jongens wilden nog wel verder. Nou, ik niet.. Robin werd die avond geopereerd en is pas kort geleden voor zichzelf een beetje aan het trainen. Een jaar uit de roulatie. Ik zou het prachtig vinden als hij in mijn laatste competitiewedstrijd zou mogen invallen. Misschien gaat die wedstrijd dan nergens meer over en dat zou ik hem zo graag gunnen. Al hobbelt hij maar een beetje mee langs de zijlijn.

Mathijs Benard ten voeten uit, het nooit geschorste pleurisventje.

© Haaglanden Voetbal

Zoeken

Back to Top