HERSENSCHADE
In februari 2018, toen Kjeld Nuys de 1500 meter schaatste op de Olympische spelen, zag ik hem dubbel in beeld op het tv-scherm. Mijn vrouw vond het gek en racete naar de SEH in Schiedam. Toen ik weer bijkwam, hoorde ik van de dokter dat ik een hersenbloeding had gekregen. Een dag later lag ik in het Westeinde Ziekenhuis. Eén van de eerste vragen die de neurochirurg me daar stelde was :”Heb je gevoetbald? En na de bevestiging: “Heb je veel gekopt?” Daar kwam alweer een eerste glimlach terug: “Nee, ik was linksbuiten en ik kon helemaal niet koppen.”
Ik had nog geen Alzheimer en dus wist ik wel dat ik in totaal in het seniorenvoetbal (van 17 tot 33) slechts drie keer met mijn hoofd had gescoord. De ene keer weet ik nog goed: thuis in de KNVB-beker tegen Arie Boon van ’s-Gravenzande Rood Wit. Ik liep er bij een corner per ongeluk tegen aan met mijn ogen dicht. Die was “not amused”, toen ik hem na afloop lachend vertelde dat ik nooit koppend scoorde. Die andere twee doelpunten kan ik niet meer in mijn hersens terughalen, ook niet in mijn destijds bijgehouden plakboeken. Drie kopdoelpunten van de meer dan honderd is slechts een weinig en onbescheiden percentage.
De neurochirurg in Den Haag vertelde me destijds op mijn vraag dat hij bezig was met een studie over hersenschade bij sporters. Hij had toen al gegevens daarover verzameld bij voetballers uit de eigen praktijk. “Het kan niet goed zijn als ik verdedigers of spitsen zie die gedurende de hele wedstrijd tien of meer keer harde ballen koppen. In Amerika zijn er al veel gegevens over bekend, ook door het American Football. Koppende spelers zijn een gevaar voor zichzelf, net als wielrenners zonder helm, rugbyspelers in de scrum en natuurlijk (kick)boksers. Je kent Mohammed Ali toch? Die heeft heel wat tikken gehad en hij kreeg de ziekte van Parkinson. Onderzoekers van ALS zien ook oorzaken bij voetballers. (Ferdinand Ricksen)
Ik had vroeger bij de pupillentraining bij Zwaluwen wel balletjes met veters moeten koppen: die waren altijd zwaar, zeker als het regende. De leiders (de gebroeders Roodenburg) gooiden van vijf meter een balletje op dat je op het doel moest koppen. Dat was bij mij geen succes. Als linksbuiten later heb ik misschien wel eens een paar balletjes doorgekopt. Veel zijn het er vast niet geweest. Mannetje passeren en balletje voorgooien. We hadden in de spits het kopfenomeen Aad Moerman (wie kent hem niet?) en die kon het wel. Gelukkig is hij nog helder van geest. Stoere verdedigers vind ik bewonderenswaardig, maar mijn kleinzoon (middenvelder) zie ik niet graag koppen. Hij zelf trouwens ook niet. Hij staat met koppen op één doelpunt.
Er zijn bekende voetballers met Alzheimer. De bekendste en recentste in Nederland is Peter Houtman (spits en stadionspeaker van Feijenoord). Ook Woutje Holverda (Sparta) kreeg Alzheimer, zelfs op jonge leeftijd en Jimmy Calderwood (NEC). Oudere lezers (en chatGPT) kennen nog de namen van Dennis Law, Bobby Charlton, Jacky zijn broer, Nobby Stiles (verloor bovendien ook zijn tanden), Martin Peters en Ray Wilson. De meesten waren gevreesde koppers.
Uit onderzoek in de UK zijn al jaren onderzoeksresultaten bekend: Oud-profvoetballers blijken vaker aan dementie te overlijden dan de gemiddelde bevolking. Vooral verdedigers lijken extra risico te lopen, waarschijnlijk door veel kopduels. Zware leren ballen uit vroegere decennia maakten het risico mogelijk groter, vooral bij nat weer.
Deze week werden onderzoeksgegevens onder amateurspelers bekend gemaakt door specialisten van het Amsterdamse AMC. Bij amateurvoetballers werden direct na wedstrijden verhoogde biomarkers in het bloed gevonden die kunnen wijzen op acute hersenschade. Hoe vaker en harder spelers kopten, hoe sterker die stijging van de biomarkers was. Vooral bij harde kopballen na lange uittrappen van meer dan twintig meter afstand stegen de biomarkers het meest. De onderzoekers onderzochten 302 amateurvoetballers tijdens 11 wedstrijden. Er werden bloedtesten én videoanalyses voor en na wedstrijden opgevraagd. Conclusie van het AMC: ook amateurspelers lopen een groot risico hersenschade op te lopen. Van sommige spelers op het veld heb ik het idee dat ze die schade al opgelopen hebben.
Ik zie veel voetbalwedstrijden, vooral bij de amateurs. Soms zie ik rare dingen. Spelers die met hoofden tegen elkaar botsen, door een reservespeler met een waterzak opgelapt worden en daarna soms met een bebloede tulband verder spelen: levensgevaarlijk. Trainers of verzorgers moeten zo’n speler van het veld halen. Elke speler met een mogelijke hersenschudding mag je niet in het veld laten staan.
Neurologen pleiten al jaren om voor het voetbal een kopverbod af te kondigen. In Nederland is bij de jeugd onder 12 het koppen verboden. Bij de koptraining mogen jeugdspelers die ouder zijn maar 5-10 ballen per training koppen. Maar welke vrijwillige ouder die traint, weet dat? Zoals zo vaak hinkt de KNVB op twee gedachten. Jeugdspelers wel beschermen, maar seniorenvoetbal, daar hoort koppen nu eenmaal bij. Da’s waar: ”corners en vrije trappen hoeven dan niet meer voor het doel geslingerd te worden. Misschien gaan spelers in de toekomst wel een helm dragen”.
Maar deze week kreeg ik een idee: mijn kleindochter moet volgend jaar voor haar eindexamen een profielwerkstuk maken: ze heeft een keuzevak met Sport en Beweging. We gaan samen onderzoek doen in verzorgingstehuizen. We vragen aan mannen die er verblijven of ze vroeger gekopt hadden: verdedigers, spitsen en linksbuitens. Misschien zijn ze dat vergeten, maar de opgeleverde resultaten sturen we ook naar de KNVB. Ik moet wel opschieten, anders kan ik me niets meer herinneren.













