FC ’s-Gravenzande is in de Vierde Divisie de hoogst geklasseerde regioclub. Het team van trainer Mike Jonk (foto) heeft 24 punten, evenals Smitshoek en De Jodan Boys. FC ’s-Gravenzande bemachtigde tot nu toe twee punten meer dan Westlandia en Quick. Koploper Poortugaal is al elf punten uitgelopen.
Tekst: Ton Beije
Trainer Jonk kijkt achterom met gemengde gevoelen. Hij legt uit waarom: “Inbderdaad met gemengde gevoelens, maar wel overwegend positief. We hebben grote stappen gezet in onze speelwijze, herkenbaarheid en manier van werken. In veel wedstrijden waren we dominant, creëerden we veel kansen en bepaalden we het spel. Tegelijkertijd is het rendement achtergebleven en hebben we te veel punten laten liggen in wedstrijden waarin we de betere ploeg waren. Dat is een belangrijk leerpunt. De basis staat, maar de volgende stap is stabiliteit in resultaat.”
Scherpte
Waar moet vooral aan gewerkt worden? Jonk: “Het grootste tegenvallende punt is het rendement: zowel in het afmaken van kansen als in het voorkomen van doelpunten op cruciale momenten. Dat zit niet zozeer in tactiek, maar in gedrag, concentratie en scherpte. Positief is dat de ploeg inhoudelijk stappen maakt: we spelen volwassener, durven te voetballen onder druk en hebben een duidelijke identiteit ontwikkeld. Ook de ontwikkeling van jonge spelers en de manier waarop de groep is blijven werken na tegenslagen stemt me tevreden.”
Doelstelling
En doelstelling heeft Jonk zeker voor de tweede helft van de competitie. “Ja. Na de winterstop moet het beter worden in details. We willen constanter presteren, wedstrijden eerder beslissen en minder afhankelijk zijn van één moment. Als we dat voor elkaar krijgen, ben ik ervan overtuigd dat we richting de bovenkant van de competitie kunnen groeien. Het doel is niet alleen punten halen, maar ook structureel beter worden als ploeg.”
Eigen land
FC ’s-Gravenzande gaat in eigen land op trainingskamp. “We gaan op een meerdaags trainingskamp in Maastricht. We kiezen bewust voor een trainingskamp samen met de gehele selectie va ons eerste en tweede elftal. We hebben een compacte en inhoudelijke voorbereiding, met een extra trainingsmoment en een oefenwedstrijd.”
“We hebben de groep eerst bewust rust gegeven. Daarna starten we begin januari weer met trainen, met de focus op intensiteit, duels, onderlinge afstanden en het verder verfijnen van onze speelwijze. In de voorbereiding werken we heel gericht toe naar de herstart, zodat we vanaf de eerste competitiewedstrijd weer op ons niveau zitten.”












