Roderick Meinema (foto) neemt tijdelijk afscheid van VUC. Hij kan al bijna anderhalf seizoen niet of nauwelijks spelen en kiest er nu voor om in de luwte te proberen weer fit te worden.
Foto’s: Hasper Pictures
VUC’er Roderick Meinema stopt niet met voetballen. “Ben je gek! Ik ben pas 29”, zegt de aanvaller, die al bijna anderhalf jaar met dezelfde blessure aan zijn schaambeen kampt.
Maar hij zal zich aan het begin van volgend seizoen niet bij VUC melden. Meinema: “Ik heb met de trainer afgesproken dat ik pas weer kom als ik met de groep kan meetrainen. Wanneer dat is, valt niet te voorspellen. Oktober, november?”

“Ik heb steeds meer moeite om drie keer per week naar VUC te rijden. Het begint me mentaal op te breken om de jongens lekker te zien voetballen. Daarom trek ik me nu even terug. Ik heb de afgelopen anderhalf jaar meerdere keren gedacht dat het beter ging, maar dan kreeg ik weer een terugslag en was ik weer terug bij af. Omdat je zo graag wil, ben ik vaak te vroeg weer begonnen.” Meinema deed dit seizoen slechts drie wedstrijden (gedeeltelijk) mee.
Pijnstillers
De blessure die hij heeft, liep hij in februari vorig jaar op. “Ik heb toen nog tegen VELO meegedaan, met behulp van pijnstillers. Het was een belangrijke wedstrijd, ook nog eens tegen mijn oude club, maar achteraf had ik niet moeten spelen.” Hij kwam daarna in nog maar twee van de resterende tien wedstrijden in dat seizoen in de eerste klasse in actie. Toch was hij topscorer van VUC’s kampioensteam met achttien doelpunten. Ook dit seizoen kwam Meinema niet van de blessure af. “Ik ben wel bij vijf verschillende fysiotherapeuten geweest. Ze hadden allen goedbedoelde adviezen. Ik heb alles aangegrepen, want ik wilde zo graag weer voetballen. Uiteindelijk was het een heel pakket van ellende. Ik heb zelfs een injectie genomen. Dat had ik beter niet kunnen doen.”

Meinema wil kijken of hij met rust weer volledig fit kan worden. “Ik moet geen felle bewegingen maken, trappen, passeren. Daar zijn mijn liezen niet sterk genoeg voor. Ik zal een tijdje heel rustig moeten bewegen.” Hij heeft de afgelopen maanden met lede ogen aangezien dat zijn ploeg degradatie niet kon ontlopen. “Het was voor mij dubbelop. Én ik kon niet spelen, én ik zag VUC verliezen. Ik voelde me machteloos. Het contrast is héél groot. Twee seizoenen lang winnen we bijna alles en nu hebben we al 75 doelpunten tegen. Ik hoop dat ik in de eerste klasse nog kan bijdragen dat we straks weer omhoog kunnen kijken.”













