Dirk Kuijt na weer een nederlaag tegen ESPN: ,,Ik blijf gas geven”

Tegen VVV Venlo liep ADO Den Haag al tegen haar zevende nederlaag van het seizoen aan in de Keuken Kampioen Divisie. Tijdens de wedstrijd werd er vanaf de tribune al veelvuldig gezwaaid met witte zakdoekjes (of bij gebrek daaraan met stukjes WC-papier). Trainer Dirk Kuijt (foto) blijft strijdvaardig.

Na de nederlaag van vorig weekend tegen Helmond Sport uit, liet hij na afloop de kleedkamer links liggen en vervolgde met een ‘straftraining’. Vrijdag kreeg zijn ploeg thuis tegen VVV Venlo in de zesde minuut van de extra tijd weer een genadeklap: Venema scoorde de 2-3. Een weer stond ADO Den Haag met lege handen.

Op de vraag na afloop van ESPN  hoe het nu verder moet, antwoordde Kuijt: ,,Je zal als team keihard moeten blijven werken. Daar ligt de nadruk op, om dingen van je af te spelen. Dat is jammer, omdat we na Eindhoven en NAC de weg omhoog hadden gevonden. Dan kom je door die nederlaag tegen Helmond Sport ineens weer in de situatie dat de druk heel erg hoog is. Dan trek je vandaag aan het kortste eind, maar morgen moet je weer opstaan en moet je weer verder. Hoe pijnlijk en hoe moeilijk dat ook is.”

Vastberaden

Kuijt is dan ook vastberaden, hij zal zeker de handdoek niet gooien. Aan de voetbalzender liet hij namelijk weten: ,,Ik ben geen opgever. Ik blijf gas geven, ik blijf de groep vooruitduwen, ik heb ook vandaag weer alles gedaan wat in mijn macht ligt. De jongens hebben ook gewoon hun best gedaan. Dat het voetballend beter kan en dat we agressiever druk vooruit kunnen geven, daar ben ik het helemaal mee eens, maar het is aan ons om dat zo snel mogelijk te veranderen.”

Kuijt is dus realistisch, maar blijft ook vertrouwen houden in de toekomst. ,,De stand op de ranglijst liegt niet, maar wij zijn veel te goed voor die plek. Dus er is nog heel veel voor deze groep om voor te spelen. Dan zul je vanaf morgen weer de koppen bij elkaar moeten steken en weer verder moeten gaan. Dat is een proces waar je uit moet komen, waarvan ik overtuigd ben dat de jongens het kunnen.”

 

Lees verder